Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 werken we inmiddels geruime tijd met het nieuwe stelsel voor vergunningverlening. Een specifiek onderdeel daarvan is de verplichte coördinatie van besluiten binnen het vergunningverleningsproces. Deze coördinatieplicht moet niet worden verward met de onlosmakelijke activiteiten zoals die golden onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
In deze vraag van de week zoomen we in op de vraag: Wanneer is coördinatie verplicht onder de Omgevingswet?
Wat is gecoördineerde besluitvorming?
Afdeling 3.5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) regelt de coördinatie van samenhangende besluiten. Deze afdeling biedt één uniforme procedure voor de voorbereiding, totstandkoming, bekendmaking, bezwaar en beroep van samenhangende besluiten. Gecoördineerde besluitvorming zorgt ervoor dat besluiten die inhoudelijk of procedureel met elkaar samenhangen, gelijktijdig worden voorbereid en genomen.
Verplichte coördinatie
De Omgevingswet wijst in artikel 16.7 een aantal gevallen aan waarin bestuursorganen verplicht de coördinatieregeling uit de Awb moeten toepassen. Het gaat om besluiten op aanvragen die gelijktijdig zijn ingediend voor:
- Een wateractiviteit én een andere omgevingsvergunningplichtige activiteit.
- Een milieubelastende activiteit (of wijziging van een vergunning voor een IPPC-installatie of Seveso-inrichting) én een wateractiviteit.
- Besluiten ter uitvoering van projectbesluiten voor hoofdinfrastructuur of primaire waterkeringen.
Belangrijk hierbij: de aanvragen moeten gelijktijdig worden ingediend om de verplichte coördinatie te laten gelden.
Gecoördineerde besluitvorming betekent niet dat het besluitvormingsrecht wordt overgedragen. Elk bestuursorgaan blijft bevoegd gezag voor zijn eigen besluit, maar de procedures lopen synchroon en worden gezamenlijk bekendgemaakt.
Het coördinerende bestuursorgaan
Bij gecoördineerde besluitvorming is altijd één bestuursorgaan aangewezen als coördinerend bestuursorgaan. Dit orgaan:
- organiseert het proces,
- bewaakt de gelijktijdige besluitvorming,
- zorgt voor een eenduidige bekendmaking,
- ontvangt bezwaar- en beroepschriften op de gecoördineerde besluiten.
Welk bestuursorgaan deze rol vervult, volgt uit het wettelijke voorschrift waarin de coördinatieplicht is opgenomen.
Waarom is dit belangrijk voor bestuursorganen?
Bij activiteiten waarbij een wateractiviteit of milieubelastende activiteit (zoals een IPPC-installatie of Seveso-activiteit) aan de orde kan zijn, is het raadzaam om altijd vroegtijdig te controleren:
- of er meerdere samenhangende aanvragen zijn ingediend,
- of deze aanvragen bij verschillende bestuursorganen liggen.
Zo ontstaat vroeg in het proces inzicht in een mogelijk verplichte coördinatieprocedure. Een goede afstemming tussen de betrokken bestuursorganen voorkomt vertraging en zorgt voor een soepel verlopend besluitvormingstraject.
Een tijdige toetsing op samenhangende aanvragen helpt bestuursorganen vroeg te bepalen of een verplichte coördinatieprocedure geldt. Vroege afstemming met andere bevoegde gezagen voorkomt vertraging en zorgt voor een efficiënt en overzichtelijk besluitvormingsproces.
Daarnaast blijft het mogelijk om vrijwillig een coördinatieregeling toe te passen, bijvoorbeeld bij een wijziging van het omgevingsplan in combinatie met een binnenplanse aanvraag. Hierdoor kunnen besluiten gelijktijdig worden genomen, ontstaat één uniforme rechtsgang en worden meerdere bezwaar- en beroepsprocedures voorkomen. In een volgende Vraag van de Week gaan we verder in op deze vrijwillige coördinatie.
Lybrae Omgevingsadvies helpt je graag, ook op afstand
Heb je een concreet vraagstuk, specialistische advies nodig of tijdelijke ondersteuning nodig? Via ons aanvraagformulier doe je snel en eenvoudig een beroep op de expertise van Lybrae Omgevingsadvies. Neem gerust contact op met Bert van Oers via b.vanoers@lybrae.nl of 06 34 10 19 95 voor een vrijblijvende kennismaking.